Op 21 maart waren er gemeenteraadsverkiezingen. Mensen konden hun stem uitbrengen op kandidaten van politieke partijen. Daarmee hebben ze hun oordeel uitgesproken over de koers die de gemeente moet varen.

Vervolgens werden die stemmen geteld en werden rekensommetjes gemaakt en kansen berekend om tot een coalitie van partijen te komen. Die coalitie levert dan de wethouders om samen met de burgemeester het college te vormen.

Uit onderzoek is duidelijk geworden dat in veel gemeenten de lokale partijen een enorme groei van stemmen hebben meegemaakt maar niet aan de collegevorming meedoen. Er zullen onderscheiden redenen voor zijn dat dit de praktijk is, maar hier is ook iets fundamenteel zorgelijk aan. Want een groot deel van de stemmen wordt zo niet echt gehoord. En daarmee verliest het bestuur van een gemeente een deel van zijn gezag. Letterlijk zijn ‘zeggingskracht’.

In het boek Dorpspolitiek, waar is het lokale gezag?, van Martijn Bolkestein en Meindert Fennema (Prometheus, 2018) wordt tegen de achtergrond van de gemeentepolitiek beschreven wat er aan de hand is. Er vindt langzaam maar zeker een horizontalisering in de samenleving plaats en de politieke vormgeving lijkt daar nog niet echt op in te spelen. De opkomst van de lokale partijen drukt ook het afnemende vertrouwen in de overheid uit. Als nu die lokale stem niet echt gehoord wordt, dan drijven sluipenderwijs groepen mensen in de samenleving uit elkaar en neemt het onbehagen toe.

Wat voor de hand ligt maar in de praktijk zo moeilijk blijkt is met elkaar de dialoog aangaan. Ga luisteren, vragen stellen aan degene waar je het niet mee eens bent, waar je niets mee op hebt, die je als kwetsend en irritant ervaart. De stem van ‘het hoofd’ en de stem van ‘de buik’ horen bij elkaar. Het horizontale leiderschap waar IMO voor pleit geldt ook voor de lokale politiek. Gebruik, ook als de colleges gevormd zijn zoals hierboven aangeduid, de komende jaren om alle stemmen serieus te beluisteren.

Share This